Doorwerken na AOW

By 4 januari 2016 Nieuws No Comments

Op 1 januari 2016 treedt de wet ‘Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd’ in werking. De wet is bedoeld om het doorwerken na de AOW-leeftijd te faciliteren. Zo wordt het in dienst nemen en houden van AOW-gerechtigden aantrekkelijker gemaakt voor werkgevers. De vraag rijst ondertussen wel of er hierdoor geen verdringing plaatsvindt van jongere werknemers, met name 50-plussers. De vakbeweging heeft op dit risico gewezen. De regering voorziet dit echter niet.

De belangrijkste wijzigingen betreffen:

De loondoorbetaling tijdens ziekte wordt voor AOW-gerechtigden teruggebracht naar 13 weken in plaats van de normale 104 weken. Op termijn (na evaluatie van de wet en in beginsel niet eerder dan per 1 januari 2018) zal deze periode zelfs nog verder worden teruggebracht, te weten naar 6 weken.

Het opzegverbod tijdens ziekte beloopt hierdoor ook nog maar 13 weken (en na verloop van tijd 6 weken) in plaats van eveneens 104 weken.

De AOW-gerechtigde is verzekerd voor de Ziektewet. Dat betekent dat hij een Ziektewetuitkering ontvangt indien zijn arbeidsovereenkomst (bijv. door verloop van de bepaalde tijd waarvoor het is aangegaan) eindigt tijdens ziekte. Die Ziektewetuitkering verhaalt het UWV vervolgens op de werkgever. Óverigens is de AOW-gerechtigde niet verzekerd voor de werknemersverzekeringen (WW, WIA en Toeslagenwet).

Voor opzegging van het dienstverband met een AOW-gerechtigde geldt ongeacht de duur van het dienstverband steeds nog maar een opzegtermijn van één maand voor de werkgever in plaats van de gebruikelijke staffel van 1 tot 4 maanden, zulks afhankelijk van de lengte van het dienstverband.

De zgn. ketenregeling (de regeling welke inhoudt hoeveel en hoe lang contracten voor bepaalde tijd mogen worden aangegaan, voordat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ontstaat) wordt verruimd ten aanzien van AOW-gerechtigden. Voor hen geldt een maximum van 6 tijdelijke contracten binnen 48 maanden tegenover de wettelijke standaardregeling van 3 contracten binnen 24 maanden. Deze verruiming geldt slechts indien de tijdelijke contracten zijn aangegaan ná het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

Let wel; binnen het ontslagrecht wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen opzegging van een arbeidsovereenkomst met de werknemer die in dienst is getreden vóór het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd en de werknemer die ná de AOW-gerechtigde leeftijd in dienst is getreden. In het eerste geval kan de werkgever de arbeidsovereenkomst bij of na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd opzeggen zonder toestemming van UWV of Kantonrechter. In het tweede geval is de werkgever wel weer op toestemming van UWV of Kantonrechter aangewezen.

Tot slot maken AOW-gerechtigden per 1 januari 2016 weer aanspraak op het wettelijk minimumloon (dit was tot 1 januari 2016 niet zo) en komt hen geen beroep toe op de Wet Aanpassing Arbeidsduur (inmiddels ‘Wet flexibel werken’ genaamd).

Met deze regeling heeft de regering de Wet Werk en Zekerheid nog weer verder aangepast. Van een vereenvoudiging van het arbeidsrecht in het algemeen en het ontslagrecht in het bijzonder, als beoogd door de regering, is al lang geen sprake meer, zo moge duidelijk zijn. Uitzondering op uitzondering stapelt zich op en om te voorkomen dat u, werkgever of werknemer, achteraf voor verrassingen komt te staan, is het goed u tijdig te laten informeren en adviseren.

Snel en adequaat in raad en daad! Neem contact op